Texel

Bon. Texel dus. Daar zit ik. Het is zondagnacht, 8 over 2, ik heb totaal geen wifi, mede doordat ene Roger23 zijn netwerk beveiligd heeft en het plaatselijke vakantieparkrestaurant (wachtwoord zaterdag: jbrXWL12-07) al urenlang geleden gesloten is. Dus het posten van dit stukje is vooralsnog kansloos.

Morgenochtend 12.00 gaat het restautant weer open. En dan krijg ik het nieuwe wachtwoord van de dag, als ik tenminste 1 consumptie bestel.

Het barmeisje is een lieverd. Blond, iets te dik, net als haar moeder, maar in tegenstelling tot die laatste voorkomend en gezegend met enig talent voor levensvreugde.

Wat ik hier doe op Texel? Het idee was: schrijven. De praktijk is: drinken. En wandelen. Ik wandel me een slag in de rondte. Vanavond zat ik in bad. Ik ontdekte twee bloedblaren op mijn beider middeltenen. Heel frappant. Parallel. Perfect gespiegeld.

Ik heb ze niet gevoeld though, die bloedblaren. Niet tijdens het lopen alleszins. Ik had er stevig de sokken in. Maakte tempo. Vervoegde het een en ander richting hemel; “Links, 2, 3, VIAHHHRRR!”, waarbij ik tijdens het scanderen onmogelijk strenge bekken trok.

Ik had er wel lol in. En ik wandelde maar voort. En voort. En door. Maar na anderhalf uur voortmarcheren ging het plezier er enigszins af en kreeg ik behoefte aan horeca.

Die was er niet.

Goed. Dat kan gebeuren. Daarvoor zit je op een eiland, vertelde ik tegen mezelf. Ik bedoel: dat was uberhaupt de insteek geweest van deze week, het hele punt. Op jezelf teruggeworpen zijn en alles. Opdat je echt gaat nadenken. Over wat je wil met je leven enzo.

Maar ik dacht helemaal niks, behalve: Het is koud.

Het was ook koud.

Stervens.

Mijn vingers vertikten het een shaggie te draaien. En dat wil in mijn geval wat zeggen na een paar uur zonder rook. Los daarvan, ik had een missie. Bedacht. In een opwelling. Te weten: Staan op het allerzuidwestelijkste puntje van Texel.

Heeft het zin? Heeft het nut? Heeft het ook maar enige betekenis?

Neen.

Kortom een geweldig goed idee.

Ik ging.

De kim lag verder dan bevroed. Ik overbrugde vele zeemijlen zand, die zich verraderlijk hadden voorgedaan als hectometers. Ik schrok de gigantische kolonie rustende meeuwen op, sorry, en ik zakte met mijn gymschoenen met gaten regelmatig enkeldiep weg in het drassige wad, maar ik heb de missie volbracht:

Hier komt de zee van links en van rechts, van overal

Dit is de plek zonder paalgetal

Dit is de plek waar de aarde draait

Dit is de plek waar het altijd waait

Dit is de plek waar de zon verdwijnt

Dit is de plek waar ie het bondigst schijnt

Dit is de plek voor een grote bek

Meeuwen zijn niet gek

 

Ja, excuses en dergelijke, maar ik ben niet meer echt in staat tot dichten.

Wel nog tot 1 fotootje:

 

Links, 2, 3, VIARRHHH!

Heerlijk. Ik voelde mijn existentie. Ik bedoel ik voelde dat ik bestond en alles (sorry, ik ben Salingers Nine Stories aan het herlezen). En vergat spontaan de ondragelijke lichtheid van het leven. Werk, financien, APK; niks deed er meer toe.

Er waren enkel het zand, een man en zijn voeten. Nader tot niets. Op weg naar het einde van een eeuwige reis. Vastbesloten tot een totaal gebrek aan gedachten. Overtuigd van de overrompelende schoonheid van het nu.

 

 

 

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s