Positief

Speciaal voor degenen die denken dat ik op dit web-log alleen maar schrijf over roken en drinken, deze keer eens een gezellig burgerlijk stukje over tuinieren en wandelen. Voorzien van foto's en, extra extra!, een geweldige sluiproute om files van- en naar de kust bij Zandvoort en Bloemendaal aan Zee te omzeilen.

Jawel! Op het gevaar af dat mijn normale lezersdoelgroep nu massaal afhaakt, durf ik te stellen dat ik een zeer geslaagd weekend achter de rug heb. Een weekend zonder wanklanken, zonder ergernissen, ja zelfs zonder debiel gedrag van medeplaneetbewoners.
Okay, ik was dan ook niet in Alphen aan de Rijn. Daarnaast belette de schitterende weersgesteldheid me dit weekend in te schakelen op het journaal, of zelfs maar internet te checken, dus ik wist tot voor kort van niets. Een aanrader.

Mijn zaterdagochtend begon, heel braaf, met een kopje koffie in bed en het Volkskrantmagazine op schoot. Daarin las ik dat de voorheen nog zo populaire 'betegelde tuin' helemaal uit is. Groen is het nieuwe siersteen. Planten het nieuwe asfalt. Dat wil zeggen: 90% van de Nederlanders heeft een hekel aan tuinieren, maar een nog grotere hekel aan de afwezigheid van natuur. Voor de ware 'buitenbeleving' wenst men in de tuin bij nader inzien toch omringd te worden door enige vorm van flora. Maar dan dus het liefst flora waar je geen flikker aan hoeft te doen. Fuck onkruid wieden, snoeien, en grasmaaien, want dan hou je geen tijd meer over om van je tuin een stukje te kunnen 'genieten', aldus de moderne consument volgens de een of andere hoveniersdeskundige.

Hij zal daar allicht gelijk in hebben, en gestaafd worden door velerlei marktonderzoeken. En ik wil dan ook niet zeggen dat ik deskundigen bij voorbaat niet vertrouw, en hoveniers op kop, maar toch. Ik vind: Je houdt ergens van, of je houdt er niet van.
Zoals groen in de tuin.
Ik persoonlijk ben er dol op. En als je ergens van houdt, dan wil je er graag voor zorgen. Ik wel. Er is weinig dat mij gelukkiger kan maken dan een dagje arbeiden op mijn 42 vierkante meter tellende dakterras. En dus ging ik afgelopen zaterdag volop aan de slag. Tenmidden van de bloeiende tulpen en narcissen die ik afgelopen november had geplant, snoeide ik het dode hout van de frambozenstruiken.
En tussen die geile roze prunissen die mij omringden, zou Jan Wolkers zeggen, vingerde ik de wortelopslag uit de aarde, en rukte ik het beginnende onkruid omhoog, opdat rozenvulva's des zomers optimaal zouden kunnen ontknoppen.
Zoals ik al zei: je houdt ervan, of je houdt er niet van.

Ik doe ff een plaatje:

Dakterras zuidoost lente 2011 

Waar het dus vooral om gaat, volgens mij, is liefde.
"Is de buurvrouw ook op het dak?" vroeg L. toen ik even voor een plaspauze beneden was.
"Nee, huh? Hoezo?"
"Ik hoorde je praten."
"O, dat", zei ik, "dat was met mijn planten."
Het is waar.
Ik praat een hoop met ze. Niet per se verwijfd ofzo. Integendeel. Ik spreek ze vaak aan als pelotonscommandant. Ze hoeven daarbij niet in de houding te gaan staan, laat staan acht te geven, maar wel spreek ik ze meestal aan als groep. "Jullie zien er goed uit mannen", zeg ik dan, "en vrouwen", voeg ik er vervolgens gehaast aan toe. En daarna vertel ik ze de weersvoorspelling, want dat willen ze natuurlijk weten. En wanneer ik ze de volgende keer water zal geven.
En aan het eind loop ik dan een rondje om de troepen te inspecteren, en deel hier en daar persoonlijke complimentjes uit. Alsmede opbeurende woorden voor de zwakkere broeders. En zusters, niet te vergeten.
"Je ziet er goed uit vandaag, witte Sering, keep up the good work!"
"Kijk je een beetje uit met die vlekjes op je blaadjes Salie, je zegt het als er gemene beestjes zijn he? Je weet nog dat ik ze 6 jaar geleden ook heb weggekregen met tabakswater? Hou je taai meis, ik zie je morgen."

Wat ik hiermee ook wil zeggen: ik hou ze stijf in de smiezen, die planten van mij. Toch is er afentoe een brutale donder met een eigen willetje. Zo stond ik afgelopen zaterdag oog in oog met mijn frambozenstruik op het noordoosten.
"Waarom is het", vroeg ik, "dat jij nog geen blaadjes hebt, en je collega's op het zuidoosten wel? Is dat de hoeveelheid zon, of is er iets anders aan de hand? Eerlijk zeggen!"
Hij deed er het stilzwijgen toe.
Ik zei: "Kom op, je bent me dierbaar, de oudste frambozenstruik op dit terras, je hebt de meeste vertakkingen, doe niet zo kinderachtig, vertel!"
En nog altijd zijn bek houden, die smiecht.

Tsja, wat doe je dan. Precies. Dan doe je nadere inspectie. "Wat hou je daar achter je rug?" vroeg ik.
"Niets", zei mijn oudste frambozenstruik, weinig overtuigend.
"Lul niet!", zei ik.
Hij sloeg zijn ogen teneder.
Ik wist genoeg. En keek achter zijn rug. Ik tuurde uit over het droge grintdak van mijn buren.
En jawel! Wat zag ik? Een luie platgelegen ultralange stengel richting zuiden tussen de godverlaten kiezels. Maar liefst 4 meter plant waar ik geen weet van had!
Dat laatste is gejat uit een gedicht van Tom Zinger. Die wat mij betreft, ik heb het al eens eerder gezegd, 1 van de mooiste poezieregels ooit heeft geschreven in zijn (debuut- en helaas enige) bundel met daarin de zin "er is hier 80 centimter plant waar jij geen weet van hebt".
Back to zaterdag: "Jij snoodaard!" riep ik tegen mijn ouwe framboos. Met een glimlach, dat wel.
"Ik kon die kans niet laten liggen", zei mijn framboos, "het was te makkelijk."
"Snap ik toch", zei ik, "ik begrijp je helemaal. Je lijkt precies op mij. Maar ik ga die stengel toch even binnenhalen, als je het niet erg vindt. Ik kan moeilijk frambozen op het grintdak van de buren gaan plukken. Je zit vol met knoppen man!"
"Kunnen we niet overleggen?" vroeg de framboos.
"Als je 18 bent", zei ik, "dan gaan we overleggen, maar nu niet. Ik ga je nu even vlechten als je het niet erg vindt."
Dus ik vlocht 'm:

4 meter plant 

Het lijkt goed te gaan. De knoppen zijn vandaag al blaadjes aan het worden. En straks dus frambozen. Gaaf man. Dat is bijna een kistje vol.

Bon. Het is al laat. Nog best vermoeiend eigenlijk, burgerlijke dingen schrijven. Dus de geweldige wandeling in de Kennemerduinen (mooiste plek van Nederland) die ik vandaag heb gedaan met L., doe ik even af met een ultrakort fotoverslag:

Shetlandpony Kennemerduinen 

Wilde ponies! En alsof dat nog niet genoeg was, gebeurde ons ook het volgende:
"Is dat een hond?" vroeg ik aan L.
"Wat?" vroeg L.
"Dat gesnoef in de verte?" vroeg ik.
"Ah! nu hoor ik het ook", zei L.
Het kwam steeds dichterbij, het, ja wat eigenlijk? Het gegaloppeer.
"Volgens mij is het weer zo'n paard," zei ik.
Het getrappel werd heftiger.
"Of een hooglander", zei L.
Het gedender nam sterk toe in volume.
"Een KUDDE!" riep ik.
"Of een DINOSAURIER!" riep L.
"ZOEK DEKKING!"

1 voor 1 kruisten ze in volle vlucht ons wandelpad.
20 hertjes.
Schitterend. Nog nooit zoiets meegemaakt.

Na afloop een pils aan het str
and van Bloemendaal. Net als vorige week zaterdag. Toen we op de terugweg 2 uur in de file hadden gestaan van Bloemendaal aan Zee naar Amsterdam, bij bottleneck Overveen/Haarlem.
"Dat gaan we deze keer anders doen", zei ik tegen L.
Dus komt ie dan he, de tip! Vanaf Zandvoort/Bloemdaal aan Zee. Doe eens gek, en pak vanaf de Zeeweg niet de aangewezen route richting Overveen/Haarlem, waar tijdens mooiweerdagen steevast een tandenknarsende kansloze file staat, maar sla op de betreffende rotonde een kwart later af richting Bloemendaal-stad. Rij vervolgens door naar Santpoort-Zuid, rij door naar Santpoort-Noord.
Het is helemaal uit de route, ik weet het, maar geloof me, dit gaat goed.
Rij vervolgens de snelweg op, richting Haarlem/Utrecht, maar ga er na 400 meter direct weer vanaf, vermijd sowieso Haarlem, volg enkele seconden Utrecht, maar pak eenmaal op de provinciale weg standtepede de richting Amsterdam Westpoort. Oftewel het westelijk Havengebied. Compleet verlaten in het weekend.
Resultaat: Nul saaie kilometers snelweg, je ziet een hoop van de omgeving, komt nul auto's tegen, en kan binnen een half uurtje thuis zijn als je een beetje flexibel weet om te gaan met het gaspedaal.
Pas wel op voor motorrijders, want die weten het ook.

Nou, dat was nog eens gezellig.
Ziejewel. Ik kan best onverdeeld positief zijn.
Doeidoei!

Advertisements

12 thoughts on “Positief

  1. Ha Sven, je vergist je. Jeroen (publiekskeuze) stond tegen Peter in de battle (jurykeuze). Hanneke was de derde finalist, op publieksstemmen.
    Onderschat de rol van het publiek niet, want in de finalefinale stemt alleen het publiek! Het publiek maakt zich minder druk om taalfoutjes.
    Ik zet 5 op Claudio Ritfeld, 10 op Daan Doesborgh, 5 op Peter Knipmeier.

  2. Yo Sven, kan ik tien euro van je lenen om in te zetten op Martijn Teerlinck? en als we dan toch bezig zijn met jou geld; doe maar vijf op Boris en vijf op Daan. om met Japi te spreken ‘je krijgt ‘t bij gelegenheid weer terug.’

  3. Hoi Alexis, a bon! Had ik toch nog een minuutje langer moeten blijven in de Kargadoor. Enfin, ik heb het aangepast in het verslag. Weddenschappen staan genoteerd!

  4. Hoi Ome Bennie, uit ethische overwegingen zou ik je er natuurlijk op moeten wijzen dat het niet verstandig is om te speculeren met geleend geld. Maar fuck the eighties! We leven immers al in 2010. Dus je weddenschappen staan genoteerd.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s