CH 2009

Dit was mijn mooiste dag van de afgelopen vakantie:

Het was woensdag 7 oktober. De voorspelling van Zwitserland 1 beloofde een uitzonderlijk mooie weerssituatie. En die voorspelling klopte. Een strakblauwe lucht, een stralende zonne, en 27 graden in de Zwitserse Alpen.
Voor het programma hadden mijn moeder, broertje en schoonzus (die met zijn drieen dagelijks de tochten uitstippelden vanachter stapels detailkaarten en Pied a Terre-boekjes) een op papier tamelijk makkelijke wandeling voorgesteld. Een rooie route (net iets moeilijker dan blauw, maar zeker geen zwarte), waarvoor je weliswaar trittsicher moest zijn, maar niet per se swindelfrei. We zouden een comfortabel rondje lopen met een maximaal hoogteverschil van 600 meter, dat zich afspeelde net boven de boomgrens van 1800.
Appeltje eitje kortom, waarbij zich bovendien volgens de boekjes aan begin/eind van de tocht een berghotel bevond, met een schitterend terras waarop we na afloop een lekkere pils konden drinken.

"Die maar doen?" vroegen ze bij het ontbijt.
"Doen!" juichten mijn zusje en ik.

We reden met onze auto’s naar de boomgrens. Parkeerden, trokken onze bergschoenen aan, gespten onze rugzakjes om, en zetten er stevig de pas in richting het berghotel dat zich 75 meter hoger bevond op 1900 meter, het officiele begin van de tocht.

Mijn schoonzus was als eerste bij het uitgestorven hotel. Ik kwam er vlak achteraan. "Is ie open?" vroeg ik buiten adem.
"Ik weet het niet", zei ze, "maar ik zie wel een speeltuin bij het hotel, met een katrolbaan, waar je volgens mij gratis vanaf kunt. Want er is verder niemand."
Ze had gelijk. Een paar minuten later roetsjden mijn broertje, zusje en ik vrolijk heen en weer. En toen mijn vader boven was gingen we nog een keer. Voor de foto’s.
Kinderen waren we, en soms voelt dat prettig.

Voor we de daadwerkelijke tocht richting 2400-zoveel meter aanvaardden, inventariseerde ik het hotel op z’n openingstijden. Het bleek dicht van maandag t/m vrijdag. Kut, dacht ik, daar gaat mijn pils na afloop. Daar gaat mijn pils op het terras in de stralende zonne.
Maar mijn broertje hield de moed erin. "Ze hebben ook een trampoline", zei ie, en wees richting een enorm blauw toestelgevaarte, "dus ik weet wel wat ik na afloop ga doen."
Verrek, dacht ik, dat is natuurlijk ook een optie.

Anyway. Op pad.

Het begin van de tocht was aangenaam. Een paadje dat voerde langs wat bergmeertjes op een hoogvlakte. Ik had een thermoskannetje koffie mee, een stroopwafel, aardbeienmelk, een Bounty-imitatie van de Lidl, ik voelde me goed. Ik neuriede de melodie van ‘Op Fietse’, van Skik;
Wie doet mijn wat, wie doet mij wat, wie doet mij wat vandaag-eh
Ik heb de banden vol met wind, dus ik heb ja niks te klagen

Een mountainbiker reed ons vlak voor de eerste serieuze bergtop voorbij. Mijn broertje rende er met zijn grote rugzak achteraan. En haalde ‘m bijna nog in. Geintje. Altijd leuk. Het was dat de mountainbiker even extra aanzette. Mannen blijven mannen.

Bovenop aten we onze zelfgesmeerde boterhammen. We waren ontzettend sound of music.
Goed uitzicht ook. Zulks in combinatie met het schitterende weder, oftewel perfecte foto-omstandigheden, deed mijn vader verzuchten dat ie dit een van de mooiste tochten van de afgelopen 11 jaar vond.

Na de lunch, en na de eerste bergtop, veranderde het landschap, of eigenlijk de route moet ik zeggen, in vlot tempo. Plotseling liepen we over een grad, een bergkam. Met aan weerszijden ravijnen. Bovendien stak er een verraderlijk windje op en werd het te volgen pad vager en vager.

Toen we bij ‘de Offertafel’, een uit de kluiten gewassen platte stenen paddestoel, waren aanbeland, namen we een pauze.
Er werden wat grappige foto’s genomen van diverse personen uit ons gezelschap die net deden of ze aan de Goden werden geofferd.
Maar mijn zusje vond het ondertussen allang niet grappig meer. Ze keek angstig naar de eerstvolgende passage die we na de Offertafel moesten nemen. Een huiveringwekkende smalle bocht langs een praktisch loodrechte rotswand.
"Ik weet niet of ik daar wel overheen durf", zei ze, en stak een shaggie op.

"Ik ga wel eerst", zei ik, en stak voor de zekerheid ook een shaggie op.
Toen onze shaggies aan as waren gerookt, vertrokken we.
Om een lang verhaal kort te maken: Halverwege de passage werd ik bevangen door hoogtevrees.
Fuck, dacht ik, dit is waanzin. Waarom doe ik dit? Maar ik zette door.
Mijn zusje volgde. Zonder problemen.

Maar toen kwam er nog een engere passage. Jezus, dacht ik. Of eigenlijk dacht ik dat niet. Eigenlijk begon ik dus gewoon te gillen. Terwijl ik halverwege die tweede enge passage was. Muurvast zat ik. Zowel psychisch als lichamelijk. Ik durfde geen kant meer op. Zowel de heenweg als de terugweg als mijn huidige positie waren me even akelig. Plotseling wist ik zeker dat ik op deze berg zou sterven. Dat ik in dit ravijn zou sneven. Ik zag de beelden helemaal voor me. Hoe ik tergend langzaam mijn grip zou verliezen en grabbelend naar houvast de afgrond in zou storten.
"Kut!" gilde ik, "ik vind dit niet leuk! Help! Help! Ik kan wel janken van angst! HELP!!!"
Mijn schoonzus nam mijn rugzak over, ging tussen mij en de rand van het ravijn in staan als menselijke buffer. Zij is dan ook een heldin. Mijn broertje probeerde me van bovenaf gerust te stellen, me rustig te laten ademen. Mijn moeder deed dat vanaf beneden.
"Rustig Sven! Rustig!" riepen ze, "rustig ademen."
Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan als je hyperventileert, maar uiteindelijk lukte het me.
Rustig ademen. De paniek bedwingen.

Maar ik ben dus wel teruggegaan. Samen met mijn zusje. Langs de eerste al eerder genomen enge passage, begeleid door mijn broertje.
Daar namen we afscheid.
"Jullie komen vanaf hier wel weer terug?" vroeg ie.
"Geen probleem", zeiden mijn zusje en ik.

Binnen 30 seconden was mijn broertje uit ons zicht. In notime had ie opnieuw de twee angstaanjagende kapen gerond, om zich weer bij onze ouders en zijn vrouw te voegen. Ze moesten dan ook nog een heel eind.

Mijn zusje en ik, wij liepen rustigaan weer naar beneden. Eenmaal veilig terug op de hoogvlakte, nam ik foto’s van de 2 rotspuntjes in de verte waar ik benarde situaties had beleefd. Zo op afstand zagen ze er eigenlijk heel lief uit. Maar dat is het verraderlijke van bergen. Soms bedwing je moeiteloos rotswanden die er vanaf beneden uitzien als een onneembare vesting. Maar net zo vaak is een vanuit de verte schijnbaar makkelijk te overbruggen bultje, in werkelijkheid een dodelijk flatgebouw van 10 verdiepingen hoog.

Ik voelde me goed. Veilig terug op de groene Alpenweiden. Ik was blij dat ik alles had overleefd.
"Alleen kut dat het berghotel dicht is", zei ik tegen mijn zusje, "want ik heb verdomd veel zin in een pils."
"En anders ik wel", zei mijn zusje.

Na een uurtje lopen kwamen we aan bij het berghotel. Ik wilde me al richting trampoline begeven toen mijn zusje zei: "volgens mij staan er daar buiten bij de ingang van het hotel koelkasten."
"Koelkasten?" zei ik.
"Misschien staat er wel iets van drank in", zei mijn zusje.
Ik versnelde mijn pas.
Ik versnelde mijn pas nog meer.
Ik rende bijna, potverdomme!
En ze had potverdomme gelijk!
Dit stond er op het terras van het uitgestorven hotel:

Dicht

En ik durfde het bijna niet te proberen. Ik dacht aan de Willem Ruis-show. Jaren 70, mijn jeugd. Met al die prijzen (wasmachine, magnetron, radiocassettespeler, etc) in die glazen vitrines met een deur ervoor. En hoe erg het dan was als je dan een deur opentrok die op slot zat. Want dan was je alles kwijt. Had je niets.
Zo voelde ik me toen ik aan die deu
r van die koelkast trok op het terras van het berghotel.
Maar ik deed het toch. En!

tadaah!

Koelkast_2 

O man, ik was zo gelukkig. Ik plukte twee Calanda (Zwitserse Heineken, 58 cl, geniale maat) uit de schappen en wapperde er triomfantelijk mee naar mijn zusje.

We nestelden ons op het verlaten terras. "Wat kost dat eigenlijk hier?" vroeg mijn zusje, "zo’n Calanda?"
"Goeie vraag", zei ik, "had ik nog niet aan gedacht."
Ik liep terug naar de koelkast. Er hing een prijslijst. Een 0,58L Calanda kostte 4 CHF, omgerekend 2 euro 70. Het verschuldigde bedrag diende men te deponeren in de portemonnaie in de koelkast ernaast, stond er op de prijslijst.
Ik keek in de koelkast ernaast, bij de wijn en de jus d’orange. En verdomd! Daar lag een portemonnaie!

Geld

Ik pakte 8 CHF uit mijn broekzak om die in het beursje te stoppen. Ik opende de rechterkoelkast, pakte het rode geval, en opende het.
Je wil niet weten hoeveel erin zat.
Toch wel? Goed dan: Meer dan 300 CHF! Meer dan 200 euro!
Ik kreeg tranen in mijn ogen van zoveel goedheid. Zoveel vertrouwen. En besloot ter plekke om een stevige fooi te geven, en grabbelde nog wat extra vreemde valuta uit het bovenvakje van mijn rugzak.

Kabelbaantje naar Saas Alp: 21 CHF. Weekje Chalet voor 6 personen in Fanas: 800 CHF. Mijn zusje en ik, volop koude Calanda’s en 27 graden celsius onder een strakblauwe lucht boven een godverlaten terras op 1900 meter hoogte in de Zwitserse Alpen: Priceless.

Terras

Advertisements

12 thoughts on “CH 2009

  1. Djeezus! Dat is schrikken! In ieder geval zit je weer even en schrijf je weer. Er valt nix te editten wat mij betreft.

  2. @Ome Bennie: Ja ik speel nog steeds zaalvoetbal. Op donderdagavond van 19.00 tot 21.00 in de oude bakkersschool in Bos en Lommer. En ik denk dat er nog wel plaats is voor 2 man.

  3. Nog steeds niet zelf aan het schrijven, nu kwam déze er tussendoor. Omdat ik even wilde zien tot hoe ver dit weblog nu teruggaat. Oktober 2009? Je bent toch al veel langer bezig, pluk.

    Die hoogtevrees beschrijf je ook heel goed, ik heb er ook last van het is ZO verdomde irrationeel maar zo verdommmmde moeilijk weg te rationaliseren, op het moment zelf. Vervloekt zijn wij, verstokte laaglanders.

    (Fijn dat URLS trouwens automatisch in links omgezet worden. nu nog een link. euh, http://www.erudieteporno.com dan maar. 🙂 )

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s