Helter Skelter

Sommige dingen zijn alleen maar grappig als je erbij bent geweest. Desalniettemin een verslag van afgelopen zaterdag, een uitstapje met mijn beste vrienden naar Veghel.

Het was twee uur ‘s middags toen de Opel van J. voorreed bij mijn ouderlijk huis in Tiel. Dat huis staat in een nette buurt, waar de mensen gesteld zijn op hun rust en iedereen de godganse dag uit de ramen staat te koekeloeren of de conniferen van de buren wel netjes genoeg zijn geknipt.
Toen ik de auto aan zag komen wilde ik snel naar buiten rennen, maar het was al te laat. Een enthousiast getoeter schalde over het pleintje.
Met mijn rugzak vol pils nam ik plaats op de achterbank, waarna we met brandend rubber koers zetten richting Tiel Passawaaij om A., de laatste van ons fabouleuze viertal op te halen. Voor een dagje Veghel, waar om 20.15 the Cavern Beatles een concert zouden geven.

The Cavern Beatles zijn de beste kopie op aarde van het origineel. Zie bijvoorbeeld onderstaande promo-foto:

Cavern_beatlesweb

Maar hoor ook vooral die stemmen. Serieus. Een puntgave kloon. Echt.
En dat vinden wij mooi. Noem het provinciaal, noem het corny, noem het een extreem burgerlijke kindersmaak, daar hebben wij fecalien aan.

Anyway.
Er was nog een hoop tijd te vullen voor het 20.15 was. Op de A15 richting knooppunt Deil liet I. mij zijn nieuwe iPod zien.
"Van Apple", zei ie, "echt zo gaaf! Er zit maar 1 knop op!"
"Om hem aan te zetten zeker", zei ik.
"Precies!" zei I.
"Kan je er voor de rest nog iets mee?" vroeg ik.
"Alles", zei I., "You name it."

Ik ben geen man van de moderne techniek. Zolang mijn walkman het nog doet en ik mijn complete muziekverzameling op cassette-bandjes heb staan, voel ik geen enkele noodzaak tot het aanschaffen van nieuw materiaal.
Ik besloot een absurd gokje te wagen: "Kan ik er een spelletje Risk mee spelen?"

Nog voor ik de zin helemaal had uitgesproken waren I.’s vingers al over het touchscreen aan het scrollen en voor ik het wist duwde hij het ding in mijn poten.
"Alsjeblieft", zei ie, "ga je gang. Je bent de kleur blauw en als ik jou was zou ik legers bijplaatsen in Argentinie en Venezuela."

Ik had bijna de hele wereld veroverd toen we afsloegen van de A2, en I. het ding weer uit mijn klauwen rukte om onze exacte bestemming in te voeren op de ingebouwde TomTom.
"Kijk", zei ie triomfantelijk, "we rijden nu 113 km/u en hier kan je zelfs zien op hoeveel graden Noorderbreedte we zitten!"
"Altijd handig om te weten", beaamde ik.

J. parkeerde de Opel op het plein bij schouwburg de Blauwe Kei, de plaats van het concert. Het was 15.02. "De ‘5’ zit al bijna drie minuten in de klok" zei J., "pilstijd! We gaan een terras vatten!"
"Zie jij ergens een terras dan?" vroeg A.
J. wees naar een kerktoren in de verte: "we zijn in Brabant, en in Brabant zit bij elke kerk een cafe met terras."
I. voerde in op zijn iPod: ‘kerk Veghel’ en zei: "we lopen nu 4 km/u en moeten bij de volgende straat linksaf."

Bij de kerk bleek het inderdaad te wemelen van cafe’s met terrassen. Maar op deze zonovergoten middag bleken die stuk voor stuk tot op het laatste stoeltje bezet.
"Weet je wat", zei I., "we drinken eerst ergens een pils binnen, en dan wachten we tot er mensen weggaan."
"Briljant", besloten we unaniem.
We legden aan in cafe "Abbey Road". De werkelijkheid is vaak vreemder dan je ‘m kan verzinnen, maar dat bestaat dus in Veghel. Google maar.
We namen plaats aan de grote tafel, en bestelden 4 pils. En een asbak. En die kregen we. Geweldig.
"Fuck het terras", zei I., "we blijven gewoon hier zitten."
Hij grabbelde in zijn rugzak en kwam tevoorschijn met een raar bolletje met een snoertje eraan. Dat stak hij in zijn iPod. "Wat voor muziek willen jullie horen?"
"Doe maar Abbey Road", zei ik.
En daar klonk het eerste nummer, ‘Come together’, al door de zaak heen, op knetterhard volume.
"Wacht", zei I., en hij trok het bolletje uit tot een elipstische vorm.
"Dat is voor de lage tonen", probeerde hij in de herrie uit te leggen, "voel je de bas?"
We trilden allevier bijkans onze barkrukken af.
"Ik voel ‘m", mimede ik terug.

De barman/eigenaar van het verder lege cafe, maar volle terras, probeerde ook iets te mimen.
I. zette het volume wat zachter.
"Mag het iets zachter?", vroeg de eigenaar.
"Natuurlijk", zei I., "en mogen wij nog vier pils? En een extra asbak?"

We jasten er binnen 3 uur 50 pils doorheen en zo ongeveer een kwadraat aan sigaretten.
Want we waren aan het klaverjassen.
"Moeten we niet weetikveel, over iets praten ofzo?" had J. aan het begin gevraagd.
"Doe normaal", hadden wij gezegd, "dat komt vanzelf wel. Kaarten!"

Mijn beste vrienden en ik, wij kaarten overal. Zet daar een pilsje naast, sta roken toe, en vanzelf vinden tussen het troefmaken door de intiemste gesprekken plaats. De verklaring daarvoor is simpel: dat is om de aandacht af te leiden van de blunders die je hebt gemaakt in het recentste potje.
Wanneer je als enige niet hebt geteld dat er nog een Klaverheer in de laatste slag zou zitten, waardoor je op de tegenroem nat gaat, dan ben je al snel geneigd om het gespreksonderwerp te verleggen naar pikantere kwesties.

Zo vernam ik gisteren bijvoorbeeld het scheergedrag dat mijn beste vrienden hanteren inzake hun ballen.
Best verrassend nog.
Ik ging er altijd vanuit dat het een fabeltje van de Viva was. Ik bedoel, ik zaalvoetbal elke week in Bos en Lommer met 12 jongens, en serieus: nul scheerders.
Ik moet er eerlijk gezegd ook niet aan denken, scherpe mesjes in de buurt van mijn genetalien.
Maar er zijn plekken op de wereld, Tiel bijvoorbeeld, waar ze er anders tegenaan kijken.
Aan de andere kant wordt daar minder geneukt, als ik een kleine steekproef mag geloven.

Kortom, zeg niet dat klaverjassen een sport is voor hersendode bejaarden, want je steekt er wel degelijk iets van op wil ik maar zeggen.

Om 18.00 waren we allevier kachellam. We riepen de uitbater erbij. "Mogen wij de rekening?", slisten we. Okay, in die zin zaten geen s-en, maar toch slisten we.
We kregen de rekening.
Die was stevig.
We gaven een ruime fooi.
"Wow", zei de uitbater.
"Maar dan willen we nog wel vier pils", zei J., onze chauffeur, onze BOB.
"Is dat wel verstandig?" vroeg ik, "als je straks nog moet rijden?"
"We gaan zodadelijk enorm veel vlees eten", zei J., "en dan ben ik heel snel weer nuchter."

We vonden een Grieks restaurant.
Ik heb nog nooit iemand zoveel vlees zien eten als J.
Het was fout vlees, het was zout vlees, het was ontiegelijk smerig, maar J. schrokte driekwart van de vierpersoonsschaal miígrill naarbinnen.
I., A. en ik, we hielden het bij een rits pils en een Irish coffee als dessert en vroegen diverse serveersters om een asbak.
Die we niet kregen.
"Dan roken we wel even op de WC", zeiden we tegen de serveersters, en gingen naar de WC.
De WC is tenslotte ook een soort van asbak, maar dan een hele grote.

We waren goed dronken. En als je goed dronken bent is de wereld van jou. En daar hoort Veghel ook bij.

We misten bijna het concert. We moesten nog rennen.
Maar terwijl de gong ging wiegelden we naarbinnen, begroetten Dennis, de beste gitarist van de wereld, en onze voormalige bandgenoot, "Waar is de bar?" vroeg ik ‘m.
Hij glimlachte.
"Serieus", zei ik, "waar is de bar!?"
Dennis glimlachte nog steeds.
Dennis k
an ontzettend goed glimlachen. En gitaarspelen. Maar voor de rest blijft het gissen.
Ik wrong me door de mensenmassa en vond een bar.
"Hebben jullie ook bier in flesjes?" vroeg ik.
"U mag geen drank de zaal innemen, meneer", zei de bardame, "en de gong is al gegaan."
"Dat weet ik", zei ik, "maar hoe zit het, heeft u ook flesjes?"
"Alleen Belgisch bier geloof ik", zei de bardame.
"Des te beter", zei ik, "doe er maar 6."

Ik deelde de Westmaller Tripples uit aan I. en A. "Steek ze in je broekzakken", zei ik, "en doe je jas eroverheen, dan komen we geheid door de controle. Het is een Schouwburg. Geen Pinkpop. En we zitten in Veghel."

We kwamen door de controle. Eenmaal gezeteld in de ons toegewezen stoelen op rij 13, plopten we onze flesjes open. Gepermanente bejaarde vrouwen die de echte Beatles nog bewust hebben meegemaakt, keken verstoord achterom.
"Ssst", zeiden ze.
"Proost!" zeiden wij.
En toen kwamen de Cavern Beatles op.
Ze draaiden hun show af.
Die was op zich aardig, maar niet al te best vergeleken bij een jaar eerder tijdens het openluchtconcert in Bloemendaal.
"Het is niet best", zei ik tegen I.
"Ze zijn vandaag waardeloos", zei A.
"HELTER SKELTER!" riepen we gedrieenlijk.
Dennis glimlachte.
J. ook. Wellicht ongemakkelijk. Hij was ontnuchterd.
"HELTER SKELTER!" schreeuwden we opnieuw.

En dat zouden we blijven roepen. Tussen alle nummers door.
We vonden onszelf extreem grappig.

In de pauze liep ik opnieuw naar de bar, ik beheerde de pot van 60 euro. "Mag ik nog 10 Westmaller Tripple?" vroeg ik.
"Sorry meneer, maar ik heb u al verteld dat u geen drank de zaal mee in mag nemen, en we hebben net 6 lege flesjes gevonden in de zaal, dus ik kan u helaas niets schenken."
"Doe dan maar Westmaller Dubbel", zei ik.
"U begrijpt mij niet", zei de bardame.
"U begrijpt mij niet", zei ik, wat ik een bijzonder slimme opmerking vond. Heel diep bovendien.
Maar pauzes in Schouwburgen duren maar kort, en de rijen zijn lang, en dit was zichtbaar een kansloze missie, dus ik verlegde mijn aandachtsveld naar ander personeel. In dit geval een correct uitziende barkeeper met vlinderstrik.
"Moet je luisteren", zei ik, "mag ik een Spa Rood."
"Natuurlijk", zei de barman, en zette een glas onder de postmix.
"Plus 6 Westmaller Tripple", zei ik.

Eitje.

Vanaf daar zijn er ongetwijfeld nog een hele hoop leuke dingen gebeurd. Zo hadden we het plan om al onze cash op rood te zetten in het plaatselijke casino, of op zwart, daar waren we nog niet helemaal uit, daar zouden we desnoods een coin voor flippen.

Maar wat doet het ertoe. Vanaf daar weet ik niets meer.
Behalve dat ik maar aan 1 ding behoefte had. Helter Skelter horen. Voor de rest niets. Hooguit een boer en een nel in je poten.
En zo mogelijk nog diepere gesprekken.

En die zijn er ongetwijfeld geweest.

Advertisements

8 thoughts on “Helter Skelter

  1. 1: Blonk is een groot dichter. Ongeveer zo groot dat zelfs de beste slammer niet boven zijn enkels uitkomt.
    2: ik heb ook eens een workshop bij Blonk gevolgd, in Leuven om precies te zijn, en dat was toch echt een totaal andere Blonk dan jij hierboven beschrijft.

  2. Tenzij het vanuit het hart komt. En niet vanuit de techniek. Dan kan ik een bepaalde puurheid wel velen. Geloof ik. Neem ‘Bubbles’ Van ACG. Weet iemand of daar een youtube-linke van bestaat?

  3. Hey Peter! Dat bedoel ik! Vanuit het hart! Dank voor het opzoeken van de linkjes.
    Sorry, het was vannacht 3.54 toen ik de laatste reactie tikte. En ik had geen puf meer om zelfs maar de letters w-w-w-.-y-o-u-t-u-b-e-.-c-o-m in te typen. Laat staan om ACG in te voeren en vervolgens op search te klikken.
    Bovendien moest ik vanmorgenvroeg weer werken. En daarna straight door naar Tiel voor een Appelpopvergadering waarvan ik zojuist thuiskom. Morgenvroeg opnieuw aan de arbeid, en daarna direct door naar de Kring om een poezie-avond te presenteren.
    In Tiel noemen wij dat niet ‘lui’. Wij noemen dat moe.

    “Pfff”, zeggen we dan.
    “Enne..”, denk ik er dan soms achteraan: Godzijdank is er poetryslam.

  4. Hilarisch.

    Geen ander woord voor!
    Ik ben blij dat ik er niet bij was,
    al was het alleen omdat ik nu enkel jouw verhaal heb om mee te spelen…

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s